Beleef de “Amsterdam Dungeon” 25 november 2006

Het was een van die saaie regenachtige novemberdagen waarbij je het liefste wilt dat het maar snel december wordt. Een goeie tijd dus om af te dalen in de Amsterdamse dungeons en daar te ervaren hoe het was om in de Middeleeuwen te leven als je schuldig bevonden was aan ketterij, hekserij of enig ander strafbaar feit. Of als je bijvoorbeeld tegen je wil geronseld werd in een kroeg om als matroos mee te gaan op een VOC schip, om na een maandenlange, ellendige zeereis in de Indische contreien aan te komen om een lading specerijen op te halen.

Ja, het ging er bepaald niet zachtzinnig aan toe in de Middeleeuwen. Eenmaal in de dungeon, na een geweldig angstaanjagend portret van de club gemaakt te hebben kwamen we in de donkere martelkamers de beul tegen met een leren kap op zijn hoofd. Hij demonstreerde ons, met Marcel als denkbeeldig slachtoffer, de tong-uittrek tang en de castratietang. Jakkus. Ook een gevangene gezien die een kooitje met ratten op zijn buik kreeg vastgebonden, die waren uitgehongerd. De ratten vraten zich een weg door zijn buik..

 

Toen verder de donkere gangen door naar een kroeg uit de VOC tijd waar een meesterlijk enge waardin ons een kijkje gaf uit de tijd van de VOC, vervolgens gingen alle luiken dicht en de deuren op slot, zodat ze ons bedwelmd door giftige drankjes naar het VOC schip kon laten brengen. En daar wachtte een hele wrede kapitein ons op die geen genade kende. Het schip werd aangevallen door piraten en na enkele oorverdovende kanonschoten kwamen we terecht in de ziekenboeg van het schip en maakten we kennis met de ‘scheepsdokter’. Zij had juist een patiënt onder handen die ze in allesbehalve steriele kleding en dito instrumenten het verkeerde been afzaagde. Vervolgens pakte ze een priem om de kogels uit het lichaam van haar patiënt te halen, waarbij ze en passant de voorste rij dungeon-bezoekers nog even met bloed bespoot!
Alsof we nog niet genoeg gruwelen hadden doorstaan, kwamen we vervolgens voor een Middeleeuws gerecht. De Bloedraad veroordeelde ketters en andere ongelovigen tot genadeloze marteling of huiveringwekkende doodsvonnissen. De rechter riep een aantal mensen onder luid boegeroep van het publiek naar voren, waaronder Annouck. Zij werd aangeklaagd voor hekserij en zou naakt een rondedans hebben gemaakt op de Dam waarbij zij kikkers in het vuur gooide. Een typisch geval van hekserij! Onder algemeen boegeroep sprak de rechter zijn vonnis en werd zij veroordeeld tot de galg.

Na een ophanging meegemaakt te hebben (nee, niet van Annouck, zij is gelukkig nog in ons midden), werden we door een figuur in monnikskledij met kap en lantaarn (ik schrok mij een ongeluk toen ie opdook) naar een spiegellabyrint geleid. In deze gewelven hingen overal spiegels en alle galerijen leken op elkaar. We hebben dan ook een poosje in kringetjes achter elkaar gelopen en tegen ontelbare spiegels gebotst, totdat er ergens weer een deur openging. Dit was ontzettend lachen, we waren compleet onze oriëntatie kwijt.

Toen maakten we kennis met de pest, ‘de scharlaken dood’ en zagen lichamen met pestbuilen en bloedspuwende mensen (eet smakelijk), en als klap op de vuurpijl werden we nog veroordeeld tot eeuwige verdoemenis in de hel. Met een treintje werd onze laatste reis verzorgd onder regie van Magere Hein. In het pikkedonker, je zag geen hand voor ogen, werden we door de hel geleid onder begeleiding van angstaanjagende orgelmuziek.

Kortom het was een heerlijk gruwelmiddagje. Ik heb overigens heerlijk geslapen, maar ik weet niet hoe dat met de anderen stond. Marcel, bedankt voor het organiseren!

Zaterdag 25 november 2006, rond half zes….
Er blijft een groepje van zes Friends 4 Funners achter in het steegje bij de uitgang van het Dungeon. Zij hebben zojuist het Amsterdam van de Gouden Eeuw beleefd en vertrouwen het Amsterdam van de 21e eeuw nog niet helemaal…
Voordat je het weet moet je dekking zoeken voor de bommen en granaten….o, nee we zitten niet meer in het ruim van het schip van Piet Hein, we lopen gewoon richting het Rokin vol met zijn toeristen.

Marcel gaat voorop. Hij kent het Amsterdamse en leidt ons naar een café waarbij de naam in grote chocoladeletters op de voorgevel staat: ”De Drie Gezusters”. (Misschien zien we die chocoladeletters alleen maar omdat het bijna Sinterklaas is, maar dat maakt niet uit, het ziet er smakelijk uit!)
Onder het genot van een kop thee of warme chocolademelk begint langzaamaan de ervaring van de pest en magere Hein op de achtergrond te raken. Hier kunnen we lekker gezellig kletsen en bijkomen.

Toch is De Drie Gezusters niet het pand waar we onze magen gaan vullen. Marcel heeft een tafel gereserveerd bij een Russische spionagetent. Tenminste daar doet de naam “Szmulewicz” aan denken ….
In die zaak worden we dan ook meteen in de maling genomen. Het lijkt een megazaak, maar halverwege staat een spiegel en er wordt al snel kennis gemaakt met de niet meegevende tafelpoten en krappe ruimte naar de achterburen.
We hebben het achterste tafeltje. Gelukkig hadden we heerlijke stoelen en genoeg gespreksstof. De dagschotel was zalig, de notenkroketten waren eveneens heerlijk, maar wat tsatziki daar nu bij moest, was niet helemaal duidelijk en verder waren de olifantbonen een leuk uitprobeersel.

Alles bij elkaar genomen hebben we geen Rus gezien, heerlijk gegeten, veel gekletst en gezellig gelachen. Een hele goede afsluiting na een vermoeiende dag met een reis naar de Gouden Eeuw en weer terug!

Ingrid (hoofdverslag) en Ismonda (eetverslag)


Naar verhalen overzicht