Stadswandeling Delft 20 juni 2015

Vroeg uit de veren vandaag want ik maak er een hele dag uit van. Ben eerst alleen naar het Vermeercentrum (tip voor de kunstliefhebbers) geweest in Delft en na een kopje thee ben ik de anderen op gaan zoeken.

Na even wachten konden Hennie, Susan, Carel en ik de stadswandelroutes gaan verkennen. Het was een drukte van belang want er waren muziekkorpsen aanwezig die elk moment konden gaan spelen.

Je kon zien dat Delft vroeger een rijke stad was. Het heeft een mooie stadhuis van 1618-1620. Delft heette vroeger Delf en kreeg stadsrechten in 1246. Het was een marktplaats voor producten van het omliggende platteland zoals boter en bier en textiel. De historische binnenstad van Delft bestond vroeger uit elf eilandjes met tachtig bruggen daartussen. De markt was een eiland met acht bruggen.
Naast veel voorspoed werd Delft ook getroffen door enkele rampen zoals een enorme stadsbrand in 1536 en een ontploft Kruithuis in 1654.
Delft had als belangrijke handel- en zeehavenstad ook een aandeel in de oprichting van de VOC en handelde veel met het verre oosten. De VOC bracht veel kostbare nieuwigheden naar Delft zoals specerijen en porselein en daarmee ook enorme rijkdom. In Delft is men Chinees porselein proberen na te maken en daarom noemde men het Delfts Porceleyn.

We hebben op de markt het standbeeld van Hugo de Groot uit 1886 bekeken die is geboren in Delft. Hij heeft ongeveer 80 boeken geschreven en wordt beschouwd als de grondlegger van het internationale volkeren- en zeerecht. Daarna hebben we een route gelopen met o.a. de Maria van Jessekerk en heel veel grachten en bruggetjes, begijnhof met schuilkerk (kon aan de buitenkant i.d.d. niet zien dat het een kerk was) en het prinsenhof. Tussendoor nog een terrasje gepikt en daarna weer nieuwe route gelopen met als doel de Oosterpoort uit ca. 1400. Dit is de enige overgebleven stadspoort van de acht poorten die Delft vroeger telde. Aan de poort zat een schattig huisje vast. Na een paar groepsfoto's zijn we weer richting centrum gelopen om de "Nieuwe" kerk uit 1396-1496 te bezoeken, met de op een na hoogste kerktoren van NL. In de kerk is er een grafmonument voor Willem van Oranje te bewonderen en de meerdere koninklijke graven liggen onder het koor. Daarna zijn we naar de Oude Kerk (1325-1350) gelopen om die ook te bewonderen De toren is tijdens de bouw gaan zakken en staat 1,96 meter uit het lood. De kerk heeft een erg mooi orgel en mooie glas in lood ramen en Piet Hein en Johannes Vermeer liggen er begraven.

Op de terugweg zoekende naar een restaurantje kwamen we nog langs een oude vleeshal met koeienkoppen als ornament en langs het gildehuis van het St. Lucasgilde van o.a. kunstschilders en beeldhouwers, tapijtwevers en kunsthandelaren. Johannes Vermeer was daar een van de belangrijke schilders.

Tenslotte aan de Voldersgracht pannenkoeken gegeten en een toetje.
Al met al een gezellig en informatieve dag. Carel bedankt voor het organiseren


Loes


Naar verhalen overzicht